|
Later
Cis:
Vroeger dacht ik altijd later.
Vroeger droomde ik van 't water.
Vrij zijn, net zoals hij zijn.
Met de wind door mijn haren,
op alle zeeën varen.
Weg van angsten en van pijn.
Later als ik groot zou zijn.
Dorus:
Weten jullie al wat je later worden wil?
Betje:
Huisvrouw natuurlijk!
En dan wil ik:
Een tuin vol boterbloemen en een kat die altijd spint.
Drie kindjes om te zoenen en een hoedje met een lint.
Met kerst een boom vol ballen en een ringetje van goud.
En lieve lieve lieverd die heel veel van me houd.
Ciske:
Later wil ik als die ouwe.
Later door de wereld sjouwen.
Vrij zijn, net zoals hij zijn.
Met de wind door mijn haar,
op alle zeeën varen.
Weg, van 't kwaaie chagrijn.
Later als ik groot zal zijn.
|
Betje:
En jij gaat zeker studeren?
Dorus:
Ik ga dokter worden.
En dan wil ik:
Een kast vol mooie boeken en een ingelijste kaart.
Zodat ik op kan zoeken waar jij op de wereld vaart.
Ik wil een vuilnisbakkie die heel lief zijn en heel trouw.
Echt zo lieve lieve lieverd waar ik dan veel van hou.
Cis en Ciske:
vroeger dacht ik altijd later; wil ik als die ouwe
vroeger droomde ik van 't water; door de wereld sjouwe
vrij zijn, net
zoals hij zijn
Maar hoeveel van je mooie dromen, zijn er echt uitgekomen?
Ik weet, het is maar schone schijn,
Later als ik groot zou zijn.
Betje:
Ik wil een vuilnisbakkie en een ringetje van goud.
En een lieve lieve lieverd die heel veel van me houd.
|